18 november 2019

20 jaar Traumacentrum

20 jaar Traumacentrum in de regio Limburg

In 1999 kreeg het academische ziekenhuis Maastricht (azM) een aanwijzing als traumacentrum ziekenhuis. Sindsdien is er veel veranderd en bereikt. Het heuglijke feit van 20 jaar traumacentrum Limburg werd 31 oktober jl. gevierd met een mini symposium waarbij de patiënt centraal stond. Deze middag leidde Simone van Trier ons door het programma heen.

Gabriel Zwart opende het symposium kort en krachtig namens de Raad van Bestuur MUMC+.

Peter Brink vervolgde met een mooi verhaal getiteld “Broeden en Breien”, over het ontstaan van het Traumacentrum Limburg, een blik in de historie. 20 jaar traumacentrum In de jaren 80 waren er vele onnodige overlijdens  ten gevolge van trauma’s, maar er waren bijvoorbeeld ook nog geen CT scans voorhanden.  In de jaren 90 heeft Peter Brink samen met 2 andere collega- traumachirurgen de basis gelegd van de beleidsvisie rondom regionalisatie van de traumazorg in Nederland. Aanleiding was het in 1994 verschenen Inspectierapport “de keten rammelt”, waarop de beroepsgroep van traumachirurgen besloot om zelf sturing te geven aan het ontwikkelen een beleidsvisie
die kon rekenen op draagvlak van de zorgprofessionals.

In deze Beleidsvisie “Regionalisatie Traumazorg “ stond de patiënt centraal, in de organisatie van de zorg rondom de patiënt. Uiteindelijk leidde dit tot de aanwijzing van 10, en later 11, ziekenhuizen met een traumacentrumfunctie in Nederland.  Deze ziekenhuizen  kregen als taak het optimaliseren van de kwaliteit van traumazorg in de regio, het opzetten van een traumaregistratie zodat ook inzicht gekregen kon worden in de kwaliteit van de traumazorg, het opzetten van een regionaal traumanetwerk (waarin alle ziekenhuizen in de regio samenwerken), het kenniscentrum invullen en het leveren van een mobiel medisch team.

Afgelopen 20 jaar is hier fors in geïnvesteerd en staat er een gedegen traumazorgnetwerk in de regio Limburg. Inmiddels is deze regionalisatie van zorg ook voor andere acute zorgketens ingericht en is er een Regionaal Overleg Acute Zorgketen ingericht waarin alle bestuurders van de betrokken ketenpartners aanschuiven. 

20 jaar traumacentrumDe patiënt centraal, was de ondertitel van het minisysmposium. Tijdens deze middag wordt een reconstructiefilm vertoond van een multitraumapatiënt en wordt deze patiënt geïnterviewd door Simone van Trier. Het laat zien dat het hele behandelings- en revalidatietraject enorme impact heeft op de patiënt en zijn familie. Deze patiënt geeft een mooi beeld van waar het om draait in de traumazorg, namelijk goede samenwerking in de keten van pre-hospitaal tot aan de revalidatie!
Dit verhaal raakt iedereen die aanwezig is.

20 jaar traumacentrum Vervolgens houdt Stefaan Nijs een bevlogen verhaal over de traumazorg in België. Er bestaat nog geen regionaal traumazorgsysteem in België en er wordt goed gekeken naar het functioneren van de regionale traumacentra in Nederland. Stefaan Nijs is ervan overtuigd dat door verdere concentratie van de traumazorg de uiteindelijk kwaliteit van de traumazorg en de kwaliteit van leven, van patiënten die een trauma overleven, verbetert. De zorgprofessionals moeten niet meer in silo’s werken maar in netwerken.
De traumazorg begint op straat en eindigt terug op straat zodra de patiënt weer kan deelnemen aan het maatschappelijk leven.
Als men bij 150 ziekenhuizen in België alles in stand moet houden om de meest complexe trauma patiënten te kunnen opvangen en behandelen dan is dit weinig kosteneffectief. Door verdere concentratie neemt de ervaring van de behandeling van complex letsel toe waardoor de kwaliteit van de traumazorg aanzienlijk kan verbeteren.
Op dit moment ligt er een beleidsvoorstel bij het Belgische ministerie van VWS om te komen tot traumacentra en hij hoopt dat dit in 2020 werkelijkheid gaat worden. 

Afsluiting van het mini symposium vindt plaats door Martijn Poeze, traumachirurg en  medisch hoofd van het Netwerk Acute Zorg Limburg (NAZL) met een doorkijkje naar de toekomst. Hierbij moet de focus liggen op
1. organiseren van de traumazorg, 20 jaar traumacentrum
2. verbetering traumazorg en
3. herstel in persoonlijke netwerken (patiënt kan weer deelnemen aan het maatschappelijk leven).

In Limburg zien we het hoogste aantal trauma patiënten opgenomen per 10.000 inwoners vergeleken met andere regio’s. Dit betekent dat we regionaal de discussie met elkaar moeten voeren over welke afspraken gemaakt kunnen worden, hoe kunnen we de triage verbeteren,  monoletsels behandelen versus behandeling van multi trauma patiënten en kunnen we consensus bereiken over bepaalde zaken.


Verbetering van de traumazorg vindt plaats op basis van gegevens uit de Traumaregistratie. Hoe zien de uitkomstmaten eruit? Kunnen we de overlevingskansen van traumapatiënten nog verder verbeteren? Hoe scoren we op overleving in de regio (op basis van verwachte overleving). Op basis van deze gegevens uit de Traumaregistratie kan regionaal het gesprek gevoerd worden en kan het gebruikt worden als benchmark onderling tussen de ziekenhuizen.

Ten aanzien van de derde focus, herstel in persoonlijke netwerken, is Martijn Poeze blij dat vanmiddag enkele multitraumapatiënten aanwezig zijn en hun persoonlijke verhaal hebben laten optekenen op een banner. Dit is waar alle zorgprofessionals met hart en ziel voor werken, de patiënt weer laten terugkeren in zijn eigen leven. Maar tevens is ook duidelijk dat er grote verschillen bestaan tussen de kwaliteit van leven bij trauma patiënten en dat een groot gedeelte toch nog pijn en beperkte mobiliteit ervaart een half jaar na het trauma-ongeval. 

Focus komende jaren op “mentoring”, de patiënt begeleiden bij het weer terug  in het leven kunnen functioneren, een nieuw evenwicht vinden, en de patiënt helpen zich aan te passen aan de nieuwe situatie.

Traumazorg = Ketenzorg + Maatwerk voor elke patiënt!